Persoonlijke stijl

Hoewel ik bijna alle vormen van theater prachtig vind en heerlijk vind om te maken, zijn er toch een paar die er net boven uit steken op gebied van plezier en kwaliteit. Bewegingstheater, teksttheater en camera-acteren zijn mijn drie sterkste punten.  

Bewegingstheater

Ik ben al mijn hele leven een erg bewegelijk type mens ben. Als kind altijd aan het rondspringen of rennen. Klimmend in bomen en skatend van bergen af. Hierdoor ben ik ten eerste altijd in vorm gebleven, vooral toen ik erbij ging voetballen en ik elke week naar de sportschool begon te gaan. Ik heb een goede conditie en uithoudingsvermogen. Kracht kan natuurlijk altijd beter, maar ook op dat gebied ben ik al ver. Ten tweede heb ik een goed bewustzijn gecreëerd in mijn lichaam. Ik ken mijn lichaam en weet hoe ik het moet gebruiken om verschillende effecten of personages te creëren. Ik ken mijn grenzen, en durf die waar nodig zeker aan te tikken of zelfs te verleggen. Ten derde heb ik een grote fantasie. Ik zie alles altijd in mijn hoofd al voor me. Een personage wat ik moet maken of een bepaald gevoel of verhaal wat ik met beweging moet overbrengen. Ik kan dan snel bedenken hoe het personage loopt of welke bewegingen er nodig zijn om hert specifieke gevoel of verhaal duidelijk te maken.  

Teksttheater

Dit is de eerste theatervorm die ik gespeeld heb. Ik speelde in groep 5 Little Timmy van ‘A Christmas Carol’ of ‘Scrooge’. Dat was mijn eerste (tekst)theaterervaring. Sinds toen ben ik er ook verliefd op geworden. Ik vind stukken van Tsjechov echt prachtig. Ook de stukken van bijvoorbeeld Shakespeare vind ik mooi, maar Tsjechov blijft een persoonlijke favoriet. De manier waarop zij iets kunnen verwoorden. De manier waarop zij in één zin zoveel meer betekenis kunnen leggen dan je denkt wanneer je het de eerste keer leest. Hamlet bijvoorbeeld. Ik heb Hamlet nu zo’n 7 keer gelezen en pas de 5e keer, toen ik het écht ging analyseren, had ik het gevoel dat ik alle grapjes, stiekeme beledigingen en sub teksten eruit had gehaald. Ik ben goed in analyseren en vind het ook leuk. Ik kan uren met een script voor mijn neus zitten en blijven puzzelen over wat ze kunnen zeggen. Ik heb hier ook lessen in gehad van o.a. Jip Fuik, Leonie Pastoor en Roy Baltus.  

Camera-acteren

En ten slotte camera-acteren. Nog een sterk punt van me. Ik heb nu een muziekvideo, een shortfilm en een serie gemaakt en alle drie bevielen me erg goed. Vooral de muziekvideo en de shortfilm. De eerste keren was ik bang dat ik het moeilijk zou vinden om de camera’s niet aan te kijken, maar dat bleek veel makkelijker dan verwacht. Het fijne aan camera-acteren vind ik dat je van te voren zelf je rol zo compleet mogelijk moet voorbereiden. Er is weinig repetitie tijd, het liefst is elke scène een one-take. Oftewel, net als bij het teksttoneel, lekker uren iets zitten voorbereiden in je eentje en dan met je tegenspeler afstemmen of het met elkaar klopt. Zo voorbereid mogelijk op de set aankomen, en zelfs de schrijver nieuwe dingen laten zien van zijn eigen tekst.